'Over de gehangenen deed Renesse er het zwijgen toe'





Dit is de foto van Leendert Marie Jonker.
Hij is de vader van Mario Jonker.
Mario wordt in het onderstaande artikel geïnterviewd.



INLEIDING


Er zijn geen woorden voor het verschrikkelijke drama van Renesse. Dat drama heeft vele kanten. Eén ervan is dat de vrouw van Leendert Marie Jonker in de laatste maand van haar zwangerschap verkeerde. Het zoontje Mario werd op 11 januari 1945 geboren. Eind 1994 heeft de journalist Hans Horsten hem gesproken. In zijn aangrijpende verslag kunt u lezen hoe het leven van een zoon van een gehangene eruit ziet.

Hans Horsten behandelt weer een heel andere kant dan Lars Andersson in hoofdstuk 11 en Marijke Vael in Hoofdstuk 12. Ik beschouw de artikelen in Accent, de Zierikzeesche Nieuwsbode en de Volkskrant als een drieluik, waarbij elk paneel een ander perspectief biedt. Samen geven ze een boeiend beeld van het drama van Renesse. Ik acht het een voorrecht dat ik ze samen kan opnemen op deze website.

Dit verslag is heel persoonlijk. Ik zou haast zeggen: persoonlijker kan het bijna niet. In de andere twee artikelen ging het voornamelijk om waarheid achter de gebeurtenissen, met Hans Horsten gaan we de diepte in. In die zin is het een bijna adembenemende zoektocht vijftig jaar na dato.

Het werpt ook een bepaald licht op wat het gezin van Hendrik Verhoeff allemaal heeft doorstaan. Hij heeft als vader zijn enige zoon moeten aanschouwen vlak na de ophanging. Die verschrikkelijke ervaring heeft voortaan zijn leven en dat van zijn gezin gestempeld.


VERSLAG IN DE VOLKSKRANT VAN 3 DEC 1994


Over de gehangenen deed Renesse er het zwijgen toe


HANS HORSTEN - 03/12/94

Duitsers parkeren er nu hun Audi's en laten de marken rollen. Goed voor de middenstand, maar sommige inwoners van Renesse in Zeeland dragen nog altijd de herinnering met zich aan 10 december 1944, toen de Duitsers in het dorp tien verzetsmensen ophingen....

Van onze verslaggever

Hans Horsten

RENESSE

Er is in het Zeeuwse Renesse nog slechts een handvol mannen en vrouwen die méér kunnen vertellen over 10 december 1944. Die dag hingen de Duitsers in het dorp tien verzetsmensen uit de streek op. Ze dwongen vijftig familieleden en willekeurige dorpelingen toe te kijken en lieten de lijken 24 uur bungelen.

De gebeurtenis was een caesuur voor deze gesloten burcht van God op Schouwen-Duiveland: de geschiedenis van Renesse valt vanaf dat moment uiteen in pre- en post-10 december 1944. Zij die nog kunnen getuigen van toen, doen er liever het zwijgen toe. De emoties, hè.

'Ik moest het toch maar niet doen, denk ik. Laatst heb ik nog een infarct gehad. En ik ben al òp van de zenuwen, zeker met al die herdenkingen van nu. Nee, nee, ik moest het maar niet doen', zegt een plaatselijke oud-verzetsman hortend en stotend door de telefoon.

Maar er is er één die er altijd over wil praten. Die er altijd over moet praten. Mario Jonker. Hij werd geboren op 11 januari 1945. 32 Dagen eerder was zijn vader, Leendert Marie Jonker (29), een van de 'tien gehangenen van Renesse'. Zijn hele leven staat sindsdien in het teken van een zoektocht van een zoon naar zijn vader. Met alle obsessieve pijn die daarbij hoort, na decennia culminerend in een bevrijding.

'Mensen zouden kunnen zeggen: jij weet er niets van. Maar die gebeurtenis is zo bepalend geweest voor de sfeer en het klimaat in ons gezin, dat ik er alles van heb meegekregen. Mijn geboorte was ondergeschikt aan die gebeurtenis.

Ik draag de namen van mijn vader. Zijn sterven en mijn geboorte vallen zowat samen. Die verwevenheid met zijn dood heeft altijd in me gezeten, maar de informatie heb ik zelf moeten achterhalen, want er werd bij ons thuis niet of nauwelijks over gepraat.

De decembermaanden waren het ergst. Op Sinterklaasdag was hij door de Duitsers opgepakt, op 10 december was die ophanging, 15 december was de trouwdag van mijn vader en moeder. Daarna Kerstmis. December was een emotionele tijdbom die echter nooit is ontploft, want voor rouw en retrospectie was te weinig ruimte.'


Over de feiten zal geen Historikerstreit uitbreken. Eind 1944 maken de Duitsers aanstalten om de mannelijke bevolking van het deels onder water gezette Schouwen af te voeren naar Duitsland. Ook de mannen van Renesse. Verzetslui weten, geholpen door de gemeentesecretaris, het bevolkingsregister in handen te krijgen en begraven dit. De Wehrmacht is woedend en dreigt met represailles.

Tegelijkertijd zijn verzetslieden uit Zierikzee in contact gekomen met twee Armeense overlopers uit het Duitse leger. Die weten precies hoe de Duitse verdediging op het eiland in elkaar zit en hebben dat in kaart gebracht. Dat moeten de Engelsen op Walcheren weten, het bevrijde gebied dat bij mooi weer vanaf Schouwen-Duiveland als een streep aan de horizon is te zien.

Zo komt het dat begin december achter de zeedijk tussen Zierikzee en Haamstede zestien mannen en één vrouw liggen te wachten op een Engelse patrouilleboot die hen zal overzetten naar Walcheren. Leden van de ondergrondse uit Renesse die de toorn van de bezetter vrezen, een groepje dat de militaire gegevens in handen van de geallieerden wil spelen, twee ondergedoken Engelse piloten, een Armeense deserteur en een student die de Arbeitseinsatz wil ontlopen.

De eerste avond mislukt de oversteek.


De avond daarna gooit een Duitse patrouille roet in het eten. De groep lijkt de dans te ontspringen, tot een Duitser terugkeert om te plassen. Een van de verzetsmensen raakt in paniek en schiet de Duitse soldaat neer. Een vuurgevecht volgt: de Duitsers houden tien personen aan. De Armeen ontsnapt, maar verdrinkt.

Om de eilandbevolking angst aan te jagen, worden de tien Schouwenaren door een Standgericht ter dood veroordeeld. Op boerenkarren worden ze op de tiende december naar de toegangsweg tot Slot Moermond in Renesse gereden.

Naar het voorbeeld van hun praktijken in Oost-Europa laten de Duitsers familie van de veroordeelden en een paar dozijn dorpelingen van hun bed lichten en dwingen hun de openbare terechtstelling bij te wonen. Negen veroordeelden worden opgehangen. De tiende, zwaar gewond geraakt bij de schietpartij, moet vanaf een brits toekijken. Hij overlijdt 's nachts en wordt daarna bij zijn negen metgezellen gehangen.

Vanaf dat moment gaat Renesse gebukt onder Het Trauma. Er komen na de oorlog herdenkingen, een massagraf op het kerkhof, een monument, een gedenksteen bij Slot Moermond, maar daarmee is het incident allesbehalve verwerkt.

Jonker: 'Er is in het dorp nooit vrijuit over gesproken. Het is altijd een taboe geweest. Mijn moeder bijvoorbeeld heeft heel lang niet geweten dat haar man was opgehangen. Zijn broer Piet, die de executie moest bijwonen, is haar op die dag de boodschap komen brengen, maar zei dat haar man doodgeschoten was. Ophanging werd te vernederend en te schokkend gevonden en ze wilden mijn moeder, hoogzwanger toen, beschermen.'

Renesse was in die tijd een diep gelovige gemeenschap, de familie Jonker niet uitgezonderd. 'Oom Piet heeft de rest van zijn leven geworsteld met zijn geloof als gevolg van die terreurdaad. Hij had het lichaam van zijn broer nog zien spartelen. Dat bracht zijn godsgeloof aan het wankelen.'

De ophanging van zijn vader is ook voor Mario Jonker zelf een groot deel van zijn leven een blinde vlek geweest. 'Op mijn tiende verhuisden we naar Middelburg. Mijn moeder was een oorlogsweduwe, maar uitkeringen waren er toen nog niet, dus wij moesten het doen met de opbrengst van de collectes die in Renesse regelmatig voor ons gezin werden gehouden. Mijn moeder had het gevoel dat ze daarop werd aangekeken. Daar kon ze niet meer tegen.

In Middelburg kwam ik in een klas terecht die was voorbereid op mijn komst. De meester had alles verteld over toen en elk kind opgedragen rekening met mij te houden. Maar die kinderen wisten meer dan ik, want in onze familie was met mijn vader ook die geschiedenis begraven. Ik was op school een buitenbeentje, maar wist niet waarom.'


Rond zijn veertigste - hij heeft dan in zijn privé-leven al de nodige misère achter de rug - besluit Jonker op zoek te gaan naar zijn identiteit. Hij wil dat brandmerk een plaats in zijn leven geven, en dat kan alleen als hij erin slaagt het beeld van zijn vader in te kleuren.

Met een cassetterecorder gaat hij iedereen in de familie langs, plus de streekbewoners die uit eigen waarneming meer weten over 10 december 1944. Het worden emotionele en vaak heftige sessies, maar Jonker slaagt erin de pijn van het niet weten voorgoed uit te bannen.

'Wat dan overblijft, is de normale behoefte aan verdriet. Dan kun je ook rituelen zoeken om te rouwen. Ik heb daardoor ook een genuanceerd beeld van mijn vader kunnen opbouwen. Van zijn karaktertrekken, van zijn positieve en negatieve punten. Hij was geen held; dat werd hij doordat hij werd opgehangen. Hij zat wel in het verzet, maar ik denk dat hij vooral door zijn broer die keuze heeft gemaakt. Dat was een felle, en bij hem was hij als metselaarsknecht in dienst.'

Binnenkort is het vijftig jaar geleden. 'Ik word vijftig, mijn vader zou tachtig zijn geworden. Vijftig jaar is iets speciaals, maar ook tachtig jaar is hier in Zeeland iets speciaals. Dan wordt er altijd wat extra's gedaan. Ik heb het in mijn kop gezet om een boek over zijn leven te schrijven. Dat wil ik aan mijn broers aanbieden tijdens de officiële herdenking.'

Anno 1994 is Renesse één grote toeristenattractie. Van de lente tot diep in het najaar komen Duitsers er in groten getale zon, water en duinen aanbidden. Hun Audi's, Opels en BMW's domineren het straatbeeld, hun marken zijn de motor van de welvaart. Door die ontwikkelingen is Renesse nu tweetalig. De dorpsoudsten zien het met lede ogen aan, maar de plaatselijke middenstand kraait victorie.

'Na de terechtstelling van mijn vader werd mijn moeder door de Duitsers uit het huis gezet. Laatst kwam ik erachter dat uitgerekend die woning onlangs door een Duitser is gekocht. Ik heb nooit iets gehad tegen de Duitsers, maar dat steekt. Vraag me niet waarom, maar het steekt.'